STRESA
Het door de Romeinen gevestigde stadje aan de Piëmontese oever van het Lago Maggiore werd eind 18e eeuw een van de bekendste badplaatsen en herstellingsoorden van Europa. Als gevolg hiervan ontstonden de luxueuze jugendstilhotels van de belle époque, waardoor Stresa een van de favoriete trefpunten werd van kustenaars en dichters. Stendhal, Charles Dickens, Lord Byron en Ernest Hemingway, om er maar een paar te noemen, bezorgden het stadje internationale roem en achting. Helaas zijn de prachtige parken van de villa’s meestal privé-bezit, zodat ze zich onttrekken aan het oog van de verwonderde bezoeker, maar die kan dan nog altijd vanaf de boulevard langs de oever genieten van een romantische zonsondergang. In het achterland van Stresa bevindt zich het natuurpark Mottarone, met de gelijknamige, 1491 m hoge berg. In de zomer een uitstekend gebied voor een voettocht en in de winter een uitgestrekt skigebied. Vanaf zijn top heeft men een schitterend uitzicht over het gehele gebied van het Lago Maggiore tot aan het Lago d’Orta en de gletsjers van de Alpen, van Wallis en van Ticino.
DE BORROMEÏSCHE EILANDEN
De vier eilanden liggen in de gelijknamige golf tussen Verbania en Stresa, van waaruit ze per boot gemakkelijk te bereiken zijn. Het Isola Madre is met zijn lengte van 330 m en zijn breedte van 220 m het grootste eiland in het Lago Maggiore en wordt al vermeld in historische bronnen uit de 9e eeuw. Begin 15e eeuw begon men op het eiland citrusvruchten te verbouwen, die men speciaal voor dit doel liet aanvoeren uit Ligurië. Ongeveer tegelijkertijd gaf Lancilotto Borromeo opdracht tot de bouw van een villa, die de kern werd van het in 1580 door Renato I Borromeo in renaissancestijl uitgebreide paleis. In de jaren 1823 tot 1825 werden de gecultiveerde gedeelten van het eiland veranderd in een landschapstuin in Engelse stijl. Het bos in het noordwesten van het eiland bleef behouden. Het iets kleinere Isola Bella is ongeveer 320 m lang en 180 m breed. In het noordwesten van het eiland bevindt zich het Palazzo Borromeo, met aangrenzend een tuin in Engelse stijl. Voor Carlo III Borromeo in 1632 begon het eiland te egaliseren en hij voor zijn vrouw een paleis liet bouwen, was het eiland niet meer dan een rots die boven het water uitstak. Het paleis herbergt tegenwoordig een museum, waar men de prachtige inrichting bewonderen kan; tevens kan men een schelpengrot bezichtigen. Daarnaast omvat de eilandengroep ook nog het Isola dei Pescatori (dat als enige van de vier eilanden sinds de 14e eeuw ononderbroken bewoond is) en het Isola di San Giovanni, dat als privé-bezit echter niet door toeristen bezocht kan worden.
Terug naar de overzichtspagina ‘Lago-Maggiore’
|